Erkenning van het recht om een autochtone gebarentaal te gebruiken
Dit is een grondbeginsel in de doelstellingen van de EUD. In de afgelopen drie jaar zijn belangrijke veranderingen opgetreden. Successen zijn onder meer de Resoluties van het Europees Parlement voor de erkenning van gebarentalen in 1988 en opnieuw in 1998 en het door de Europese Commissie gesubsidieerde Gebarentalenproject (1996-1997) van de EUD. Deze acties hebben gefungeerd als katalysator voor de dovenorganisaties die lid zijn van EUD om samen te werken met hun regeringen voor het verkrijgen van praktische en, in verschillende gevallen, (grond)wettelijke erkenning van hun respectievelijke nationale gebarentalen.
In de afgelopen jaren heeft de EUD samen met haar leden met succes actie gevoerd om de zichtbaarheid van gebarentalen op nationaal en Europees niveau te verbeteren. De EUD is er ook in geslaagd om de erkenning van gebarentalen hoger op de politieke agenda te krijgen en om de status van gebarentalen vergeleken met gesproken talen te verbeteren. De EUD blijft streven naar volledige en wettelijke erkenning van gebarentalen als minderheidstalen door de Europese Unie, de Raad van Europa en alle regeringen van EU-lidstaten, op dezelfde manier als sommige gesproken minderheids- of regionale talen. Er is geen geldige reden voor het uitsluiten van gebarentalen, vooral niet op taalkundige gronden, omdat onderzoek al lang heeft aangetoond dat zij volwaardige talen zijn. De grootste barrière die doorbroken moet worden is de houding van overheden en juridische adviseurs die niet (willen) geloven dat gebarentalen volwaardige talen zijn en zich niet realiseren of niet begrijpen hoe belangrijk gebarentaal is voor doven. We hebben al veel bereikt, maar we zijn er nog niet! Wij hebben uw blijvende en krachtige steun nodig, zowel op nationaal als op Europees niveau.